De schol (Pleuronectes platessa) is een van de bekendste en commercieel belangrijkste platvissen van Noord-West-Europa. De soort heeft een breed verspreidingsgebied in het noordoostelijke deel van de Atlantische Oceaan, dat zich uitstrekt van de Barentszee en IJsland tot aan het noorden van Marokko. Ook in de gehele Noordzee, de Oostzee en de noordelijke Middellandse Zee komt de schol veelvuldig voor. Deze vis leidt een typisch bodembewonend bestaan (demersaal) op zand- en modderbodems, variƫrend van ondiepe kustwateren en estuaria tot dieptes van zo'n tweehonderd meter. Jonge scholletjes groeien op in beschermde, ondiepe kustgebieden zoals de Waddenzee, waar voldoende voedsel aanwezig is in de vorm van borstelwormen, kleine kreeftachtigen en schelpdieren.
De schol is als volwassen vis bijzonder gemakkelijk te herkennen aan zijn asymmetrische, platte lichaamsvorm met beide ogen aan de rechterzijde van het lichaam (een zogenaamde 'rechtsogige' platvis). De bovenzijde van de vis is glad en heeft een olijfgroene tot roodbruine grondkleur, bedekt met opvallende, helder oranje tot rode vlekken. Deze vlekken dienen als herkenningspunt, al kan de intensiteit variƫren afhankelijk van de bodemgesteldheid waarop de vis zich bevindt; schol heeft namelijk het vermogen om zijn kleur licht aan te passen aan de ondergrond. Een ander belangrijk uiterlijk kenmerk is een harde, knobbelige beenlijn die vanaf het oog tot vlak boven de borstvin loopt. De buikzijde, die op de zeebodem rust, is egaal wit.
In de Europese wateren kan de schol worden verward met andere platvissoorten die op zandgronden leven, zoals de bot (Platichthys flesus) en de schar (Limanda limanda). De bot heeft eveneens rode vlekken op de rug, maar voelt in tegenstelling tot de gladde schol erg ruw aan vanwege kleine stekelige schubben langs de vinniveaus en de zijlijn. Bovendien zijn botten vaak 'linksogig'. De schar onderscheidt zich door een ruwe rug met schubben die licht opstaan en een sterk gekromde zijlijn boven de borstvin, terwijl de zijlijn bij de schol vrijwel recht verlopen is. De tong (Solea solea) heeft een meer langgerekte, ovale vorm met een ronde kop en mist de opvallende oranje vlekken.
De huidige status van de schol in het wild is volgens de internationale maatstaven stabiel. Op de wereldwijde Rode Lijst van de IUCN is de soort geclassificeerd als 'Niet Bedreigd' (Least Concern). Hoewel de schol gedurende de late twintigste eeuw zwaar onder druk heeft gestaan door overvisserij in de Noordzee, hebben strengere Europese visserijquota, vangstbeperkingen en het instellen van beschermde zones (zoals de 'Scholbox') geleid tot een aanzienlijk herstel van de paaiende populatie. De scholbestanden in de Noordzee worden tegenwoordig door de International Council for the Exploration of the Sea (ICES) als duurzaam en binnen veilige biologische grenzen beheerd.
Deze soort heb ik het laatst in Artis gezien en gefotografeerd op 14-09-2026.
Deze soort is ook bekend onder de naam(en) pladijs
Deze soort heb ik gezien in Artis